Your browser (Internet Explorer 7 or lower) is out of date. It has known security flaws and may not display all features of this and other websites. Learn how to update your browser.

X

Navigate / search

Onderzoeken

We organiseren reële en virtuele uitwisseling in de vorm van conferenties, onderwijscafés, ronde tafels, linked in groep, website etc. De Kenniswerkplaats moet een continue stroom aan activiteiten organiseren in samenspraak met het programmabureau ROB en andere netwerken zoals FOKOR.

Lopende onderzoek 2016

  • Kwaliteit en resultaatonderzoek VVE Rotterdam

    De dienst Jeugd en Onderwijs van de gemeente Rotterdam heeft behoefte aan een kwaliteitsonderzoek, waarin gekeken wordt naar beleid, uitvoering en voorwaarden voor effectiviteit en een resultaatonderzoek met inzichten in opbrengsten en resultaten van de voorschool met onderstaande afbakening

    De Kenniswerkplaats Rotterdams Talent (KWP) ondersteunt Rotterdamse onderwijsprogramma’s in het verzamelen en verspreiden van kennis over educatie.

    Dit onderzoek start in september 2015 en loopt tot juni 2016 waarna er een jaarlijkse monitor komt. Het wordt uitgevoerd door de volgende organisaties die verbonden zijn aan de KWP: onderzoeksbureau Risbo (Erasmus Universiteit Rotterdam, leading partner), CED-Groep en Hogeschool Rotterdam (HR).

Onderzoeken 2015

  • Herijking Rotterdams Docentenprofiel VO                                             

    Rotterdam investeert veel in haar onderwijsbeleid, er is een jarenlange traditie in programma’s en initiatieven om het onderwijs op een zo hoog mogelijk peil te krijgen, vaak met behulp van gemeentelijke investeringen. Ook in de huidige tijd staat onderwijs hoog op de gemeentelijke agenda. Samen met de schoolbesturen voerde de gemeente het programma Beter Presteren uit, dat zich richt op het maximaal benutten van talent en het (daarmee) verhogen van de gemiddelde onderwijsresultaten. Ook in het nieuwe ROB_3 ligt hierin een belangrijke taak.

    Rotterdamse docenten moeten zich voortdurend blijven ontwikkelen en dienen mee te groeien met veranderingen in de Rotterdamse samenleving en de leerlingenpopulatie. Er is een groeiende behoefte aan een docentprofiel voor voortgezet onderwijs. De Kenniswerkplaats Rotterdams Talent voerde dit onderzoek uit: Rapport_Docentenprofiel definitief.

  • Positief Jeugdbeleid                                                                                                                                                                                                                                                                                                 De gemeente Rotterdam wil een beleidskader Jeugd voor de komende jaren ontwikkelen. Ze kiest hierbij voor positief jeugdbeleid als vertrekpunt. Positief jeugdbeleid betekent dat de gemeente de normale ontwikkeling en talentontwikkeling van kinderen en jongeren centraal wil stellen. Alhoewel het nieuwe jeugdbeleid ook aandacht zal besteden aan probleemgestuurd beleid vormt kans gedreven beleid voor alle kinderen en jongeren het uitgangspunt. Intuïtief is dit positieve vertrekpunt aantrekkelijk en misschien zelfs overtuigend omdat een focus op kracht en op kansen, kinderen meer stimuleert dan een focus op problemen en achterstanden. De wetenschappelijke onderbouwing van dit beleid is echter minder gemakkelijk. Ten eerste is Rotterdam een diverse stad met een grote complexiteit. De wetenschappelijke onderbouwing van bepaalde maatregelen en interventies kan voor de ene groep sterk zijn, maar voor de andere groep veel minder. Ten tweede is het zo dat in Rotterdam uiteenlopende organisaties en uitlopende professionals werkzaam zijn die stuk voor stuk verschillende pedagogische uitgangspunten hanteren en visies op het opgroeien van de jeugd. Ook dit bemoeilijkt de wetenschappelijke onderbouwing van positief (integraal) jeugdbeleid. Immers, verschillende visies verwijzen vaak ook naar verschillende effectmaten. Daarnaast is het zo dat dergelijk (echt) integraal beleid nog zelden wordt gevoerd en dus nog niet bewezen effectief kan zijn. In het Beleidskader JEUGD samenvatting vatten we vier studies samen die afzonderlijk inzoomen op thema’s die van belang zijn in het beleidskader: Onderwijs, Opgroeien en opvoeden, Zorg, Talentontwikkeling en de zogenaamde Pedagogische Civil Society. Op basis van deze studies beschrijven we de relevante concepten en modellen die een basis kunnen zijn voorde invulling van het nieuwe beleidskader en doen we enkele aanbevelingen op basis van beschikbare empirische evidentie.

 

Onderzoeken 2014

  • Kwetsbare Jongeren                                                                                         De afdeling Jeugd van de Directie Jeugd en Onderwijs van de gemeente Rotterdam heeft de opdracht om een integraal beleidskader Jeugd voor de komende jaren te ontwikkelen. Dit beleidskader dient richting te geven aan de inzet van de Directie Jeugd en Onderwijs en van andere (gemeentelijke) partners werkzaam op het gebied van jeugd. In dit verband is inzet voor kinderen en jongeren die problemen hebben op één of meerdere leefgebieden noodzakelijk en zal deze een essentiële plek binnen het beleidskader Jeugd krijgen. Voor een wetenschappelijk inzicht over een integrale benadering van kwetsbare jongeren heeft de Directie Jeugd en Onderwijs de Kenniswerkplaats Rotterdams Talent (KWP) gevraagd. De KWP ondersteunt de Rotterdamse onderwijsbeleid en – programma’s in het ontwikkelen en behouden van talenten. De KWP bestaat uit Rotterdamse kennis- en onderwijsinstellingen en heeft als doel een bijdrage te leveren aan kennisontwikkeling en kennisuitwisseling op het gebied van Rotterdams talent. De coördinatie voor dit offertevoorstel is een gezamenlijke inspanning van onderzoeksbureau Risbo (verbonden aan de Erasmus Universiteit) en Hogeschool Rotterdam. Marieke Meeuwisse, Jeroen Onstenk, Frans Spierings en Tomislav Tudjman hebben aan deze studie gewerkt. hier is de Literatuurstudie Risicojongeren te lezen.
  • Taal Begint Thuis                                                                                            Hoe kan een school samenwerken met alle ouders aan de taalontwikkeling van kinderen? Alle ouders, dus ook de laaggeletterde, moeilijk bereikbare ouders? ‘Taal begint thuis’ biedt ervaringen, inspiratie en tips voor scholen. Martine van der Pluijm (HR) schreef het rapport en is hier terug te vinden: taalbegintthuis 
  • De KWP en NPRZ                                                                                                  De KWP is actief betrokken bij het Nationaal Programma op Rotterdam Zuid. Er is een monitoring werkgroep over de Children’s Zone opgesteld die inmiddels 4x bij elkaar geweest is aan de Onderwijstafel om vorm te geven aan een longitudinale monitor.Er komt allereerst een basismonitor, een soort oriëntatie van het veld. Tegelijkertijd worden er ook vijf verkenningen uitgevoerd, waarvoor nog financiering gevonden moet worden. Deze lopen deels al wel, zoals professionele capaciteit, omdat anders de verkenningen, die als nulmeting fungeren, achter bij de ontwikkelingen die al plaatsvinden binnen het NPRZ.

Activiteiten in 2013

  • Waarderingsonderzoek en casestudies Beter Presteren Om  de effecten en de resultaten van het programma Beter Presteren te onderzoeken, zijn door de gemeente  drie onderzoeken uiteengezet. Deze hebben gemeen dat ze gaan over de meer integrale effecten van het programma Beter Presteren en de bredere beweging naar opbrengstgericht werken wat zij tussen 2010 en 2014 hebben willen bewerkstelligen.Het eerste onderzoek is door Oberon uitgevoerd en is een kwantitatief vergelijkingsonderzoek naar de Rotterdamse onderwijsresultaten in vergeklijking met leerlingenpopulaties elders in Nederland.De KWP heeft de twee andere onderzoeken uitgevoerd, te weten een waarderingsonderzoek hoe Rotterdamse ouders, leerlingen en leerkrachten de ontwikkelingen in het Rotterdamse onderwijs kenschetsen. Dit rapport is HIER te downloaden.Het tweede onderzoek  is een casestudie-onderzoek op 16 scholen waarbij gekeken is naar welke interventies en ontwikkelingen de afgelopen jaren een positief effect gehad hebben op de onderwijsresultaten. Dit rapport is HIERte downloaden. Instellingen Inholland, CED-Groep en Risbo zijn bij dit onderzoek betrokken.Daarnaast zijn er een drietal filmpjes gemaakt op twee po en een vo school waarin  een bepaalde manier van werken of een bepaalde invulling van lessen die ze de afgelopen jaren hebben gevoerd, geresulteerd hebben in hogere onderwijsopbrengsten: – Jan Antonie BijlooDe Talma-schoolCalvijn Juliana
  • Vakantieschool onderzoek 2014                                                                      De KWP heeft in de zomer van 2013 een onderzoek uitgevoerd naar de vakantieschool. Eén van de initiatieven binnen het programma Beter Presteren is het opzetten van vakantiescholen voor leerlingen.  De doelstelling van de vakantiescholen is het bewerkstelligen van niveaubehoud (vooral op taal en rekenen) en het versterken van de ontwikkeling van talenten. In het onderzoek zijn de kwaliteit en effecten van vier Rotterdamse vakantiescholen in het primaire onderwijs in  kaart gebracht. De eindrapportage Kwaliteit en effect van Rotterdamse vakantiescholen 2013 – definitief is te downloaden.
  • Ouderbetrokkenheid in Rotterdam Onderzoekers Dennis de Kool (Risbo) en Sabine Severiens (Pedagogie) geven in dit document inzicht in de vraag wat de rode draad is van vijf bestaande ‘Rotterdamse’ deelstudies op het gebied van ouderbetrokkenheid. Het gaat om de volgende deelonderzoeken:
    • Frederik Smit e.a. (2012) Ouderkracht als partner van leerkracht, ITS, Radboud Universiteit Nijmegen;
    • Hogeschool Rotterdam (2012) Onderzoek Ouderbetrokkenheid in scholen, Kenniscentrum Talentontwikkeling.
    • Gemeente Rotterdam (2012) Ouderbetrokkenheid: door scholen gekozen instrumenten, Jeugd, Onderwijs en Samenleving: Rotterdam.
    • Mariëtte Lusse (2011) Thema ouderbetrokkenheid: literatuurverkenning children’s zone, Hogeschool Rotterdam.
    • CPS (2012) Nulmetingen Ouderbetrokkenheid (op enkele Rotterdamse scholen), Amersfoort.

    Hoe staat Rotterdam ervoor? Doorgaans zijn de meeste ouders, ongeacht hun achtergrond, in Rotterdam zeer betrokken bij de schoolloopbaan van hun kind. Rotterdamse scholen nemen het thema ouderbetrokkenheid doorgaans serieus en hebben geïnvesteerd in contacten met ouders. Mogelijk zijn Rotterdamse ouders daarom positiever over de contacten met school dan ouders in de rest van het land. Rotterdamse scholen voeren vaker persoonlijke kennismakingsgesprekken (of startgesprekken) met ouders dan elders. Daarnaast gaan leraren in het basisonderwijs in Rotterdam vaker op huisbezoek dan in de rest van Nederland. In Rotterdam is sprake van een goede balans tussen visie en doen. De afstand tussen ouders en scholen is doorgaans groter bij het voortgezet onderwijs en het (V)MBO dan bij het basisonderwijs. Deze observatie geldt overigens ook voor scholen buiten Rotterdam. Het document is hier te downloaden.

  • Beter presteren: Meer leertijd gedurende een schooljaar en in de vakantieperiode Het programma Beter Presteren is ontwikkeld door de gemeente Rotterdam en het onderwijs samen. Doel van dit programma is om de Rotterdamse onderwijsresultaten te verhogen, vooral op het gebied van taal en rekenen. Naar twee initiatieven binnen dit programma heeft de Kenniswerkplaats Rotterdams Talent (KWP) een onderzoek uitgevoerd: vakantiescholen en leertijduitbreiding.Het eerste onderzoek was een effectmeting onder zeven Rotterdamse basisscholen en twee VO-scholen die vakantiescholen hebben opgezet. In deze evaluatie is bekeken welke soort vakantieschool programma’s er worden aangeboden, welke doelen daarbij gesteld worden en welk programma het meeste rendement levert. Resultaten van het onderzoek laten een wisselend rendement zien. Vooral aandacht voor individuele leerdoelen en het spelenderwijs aanbieden van taal leveren winst op.In het tweede onderzoek is gekeken naar leertijduitbreiding op Rotterdamse scholen (in primair en voortgezet onderwijs). In een analyse van 255 subsidieaanvragen is de aard van de Rotterdamse leertijduitbreiding in de schooljaren 2011-2012 en 2012–2013 in kaart is gebracht. De resultaten laten accentverschillen zien in leertijduitbreiding tussen het PO en VO en tussen de twee schooljaren. In 2011 – 2012 wordt door basisscholen vooral op taal en rekenen ingezet, in 2012 – 2013 met name op culturele, sport- en/of ontwikkelingsvakken. In het VO zien we een omgekeerde accentverschuiving. In het schooljaar 2012-2013 zetten meer VO scholen extra in op het verbeteren van taal- en rekenresultaten en wordt er (ten opzichte van 2011-2012) minder ingezet op sport-, culturele en ontwikkelingsvakken. – Evaluatie vakantiescholen 2012Meer Leertijd op Rotterdamse scholen
  • Quick scan loopbaanoriëntatie in po en vo op Rotterdam Zuid

    Om scholen op Rotterdam Zuid te kunnen ondersteunen bij loopbaanoriëntatie voor leerlingen in primair en voortgezet onderwijs, heeft de Werkgroep Loopbaanoriëntatie van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid, vertegenwoordigd door de dienst Maatschappelijke Ontwikkeling van de gemeente Rotterdam, behoefte aan inzicht in wat scholen voor primair en voortgezet onderwijs met leerlingen doen aan loopbaanoriëntatie. Daarbij heeft de Werkgroep vooral behoefte aan actueel empirisch inzicht in wat scholen voor basisonderwijs en voortgezet onderwijs zoal doen aan loopbaanoriëntatie in het algemeen en meer specifiek gericht op zorg en techniek. Deze vraag is in het verband van de Kenniswerkplaats Rotterdams Talent1 uitgewerkt door Kenniscentrum Talentontwikkeling van Hogeschool Rotterdam en Strix Aluco – onderzoek & innovatie. In samenspraak met de opdrachtgever hebben zij de volgende onderzoeksvraag geformuleerd: Hebben scholen voor basisonderwijs en voortgezet onderwijs in de focuswijken in Rotterdam Zuid aandacht voor loopbaanoriëntatie van leerlingen? Zo ja, wat doen de scholen inhoudelijk op dit vlak (wat en hoe en in welke richtingen)? Werken ze hierbij samen met specifieke partners en zo ja, welke zijn dat?Quick scan loopbaanoriëntatie in po en vo op Rotterdam Zuid

  • Nulmeting LOB bij LMC

    Stichting LMC Voortgezet Onderwijs (verder LMC) ontplooit momenteel allerlei activiteiten op het terrein van Loopbaanoriëntatie en Begeleiding (LOB). Risbo heeft een nulmeting onder eerstejaars vmbo-leerlingen van LMC uitgevoerd en een rapportage uitgebracht gebaseerd op de verzamelde gegevens. Omdat deze opdracht aansluit op te verwachten monitoring van LOB-activiteiten binnen het bredere kader van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid zijn ook de Hogeschool Rotterdam en het onderzoeksbureau Strix Aluco – onderzoek & innovatie betrokken bij het schrijven van de rapportage. Dit zijn vaste partners binnen de Kenniswerkplaats Rotterdams Talent. – Nulmeting LOB bij LMC

Activiteiten in 2011 / 2012